´Energie winnen én je schikken naar de elementen' /reageer

Een product van de aarde

Voor het koloniseren van de ruimte geldt verrassend genoeg volgens Ockels de ruimtevaarder een vergelijkbaar verhaal. ‘Wonen in de ruimte is niet gezellig. Als je heel naief bent dan kun je gemakkelijk wegdromen. Je ziet een man zorgeloos wandelen op de maan. Maar naarmate je meer weet kom je erachter hoe vernuftig en gecompliceerd alles in elkaar zit,’ vertelt Ockels. ‘De mens is een product van de aarde. Het menselijk lichaam is afhankelijk van de aardse omstandigheden. Dat leer je inderdaad door ruimtevaart. Door verder te gaan. Dan kom je erachter hoe fijn het was op de plek waar je vandaan kwam. Mensen kunnen domweg niet lang naar de ruimte zonder tegenmaatregelen. Door het ontbreken van zwaartekracht is de botontkalking bijvoorbeeld enorm.’

Er is dus een groot verschil tussen het wonen op aarde en het wonen in de ruimte. ‘Ik ben er niet van overtuigd dat wij mensen ooit ergens anders kunnen wonen dan op aarde. Ons lichaam is echt aards,’ aldus Ockels. ‘We zijn geheel volgens de voorwaarde van het aardse bestaan geëvolueerd.’

Volgens Ockels is ruimtetoerisme dan ook het resultaat van de naoorlogse denkwijze waarin met aardse technieken de ruimte veroverd zou worden. ‘Ik denk dat er iets gaat gebeuren dat voor iedereen als een verrassing komt. We gaan denk ik de maan gebruiken als een lanceerbasis, niet om te wonen. Een robotdorp gaat vanaf daar andere ruimtereizen voorbereiden. Anders komen we nooit op Mars.’

Over ruimteverkeer

Ruimteverkeer zoals we nu vliegverkeer hebben, zouden we niet moeten willen. Ockels: ‘Het is vervuilend en energieverslindend. Een raket spuwt heel veel chemicaliën uit. Hier op aarde hebben we daar weinig last van omdat er relatief veel zuurstof is. Maar in de bovenste aardlagen is de lucht zo ijl dat iedere substantiële afbraak van zuurstof of ozon desastreuze gevolgen kan hebben.’ Beter is het volgens hem vanaf de maan te vertrekken. Door de zes keer kleinere zwaartekracht is het veel makkelijker van de maan weg te komen.

De laddermolen is volgens Ockels een vervanging van de huidige energievoorziening. ‘Het is te vergelijken met honderd windmolens. Het is een andere orde van grootte, zeg maar een nieuwe generatie,’ aldus de gewezen astronaut. Een grote windmolen levert 1 megawatt, een elektriciteits centrale zo’n 400 megawatt. Bij Lelystad staan nu dertig windmolens. Voor dezelfde capaciteit als een centrale moet je vierhonderd grote windmolens neerzetten. De laddermolen kan op papier honderd megawatt leveren. Dan zijn vier genoeg om dezelfde capaciteit te halen. Veilig moet de laddermolen ook zijn. Alleen lichte touwen en opblaasbare vleugels hangen in de lucht. Ockels: ‘Als het systeem valt, is de kans klein dat iemand gewond raakt. Het apparaat valt als een soort parachute.’

Nieuw instituut

Als hoogleraar en één van de communicatiemanagers bij de ESA houdt Ockels zich tegenwoordig met aardse zaken bezig. Hij heeft zo zijn eigen zorgen. Zo hangt de voortgang van het laddermolen-project nu af van de hoeveelheid geld die hij kan ophalen om een prototype te bouwen. ‘Als een demonstratiemodel klaar is, zal er best wat geld vrijkomen,’ spreekt hij vol vertrouwen. Ockels wil een instituut oprichten dat zich volledig gaat inzetten voor de laddermolen. ‘Waar ik kansen zie is dat we steeds meer moeten gaan ontwerpen op basis van interactie met de elementen, niet op basis van een verzet tegen de elementen. Elementen worden constant uitgeschakeld, thuis als we op reis zijn en op alle andere plekken waar we veilig willen zijn. Maar je kunt ook veilig bouwen en je tegelijkertijd schikken naar de elementen, zoals we met de laddermolen doen.’

Reageren via Facebook

Reacties

Over Marco van Kerkhoven

Marco van Kerkhoven is bioloog, journalist en onderzoeker bij het Kenniscentrum Communicatie en Journalistiek van Hogeschool Utrecht. Hij doet promotieonderzoek naar nieuwe media businessmodellen.