‘Knuffelhormoon’ leidt tot vooroordelen /reageer

‘Knuffelhormoon’ leidt tot vooroordelen

Soort zoekt soort, dat wisten we al. Dat oxytocine, ook wel het knuffelhormoon genoemd, daarbij een rol speelt, dat is nieuw.

Tot voor kort werd oxytocine vooral neergezet als een positief hormoon, dat zorgt voor vertrouwen en genegenheid. Onderzoekers van de Universiteit van Amsterdam hebben met verschillende experimenten aangetoond dat het hormoon er ook voor zorgt dat mensen hun eigen groep positiever gaan beoordelen. Een gevolg is dat leden van andere groepen worden benadeeld, of gediscrimineerd.

Hiermee is bewezen dat bevoordeling niet alleen voortkomt uit cultuur, zoals veel wetenschappers denken, zegt hoogleraar Carsten de Dreu, die het onderzoek leidde. “Het heeft dus ook een basale, biologische verklaring. Een stofje in onze hersenen is de oorzaak. Oxytocine wordt vaak gezien als een heel positief hormoon, maar de positieve uitwerking is wel beperkt tot de eigen groep. Indirect kan dat een bijdrage leveren aan conflicten.”

Voor de trein gooien

Voor het onderzoek heeft de groep UvA-onderzoekers van De Dreu vijf experimenten gedaan, waarbij proefpersonen oxytocine of een placebo toegediend kregen. Daarna moesten ze verschillende taken uitvoeren, zo kregen ze bijvoorbeeld dilemma´s voorgelegd. De Dreu: “Een beroemd voorbeeld is de trein die op vijf naamloze personen afrijdt. De proefpersonen moesten een keuze maken: of ze duwen de bij naam bekende persoon die naast ze staat op de rails, waardoor de trein stopt en het leven van de andere vijf wordt gered. Of ze doen niets. Uit eerder onderzoek is bekend dat dit een lastige keuze is.”

Voor dit onderzoek werd een extra element toegevoegd: bij de helft had de persoon die naast de proefpersoon stond een Nederlandse naam. Bij de andere helft had deze persoon een meer Marokkaanse/Arabische naam, en in een ander experiment meer een Duitse naam. De Dreu: “Als de proefpersoon oxytocine was toegediend, dan was hij nóg minder geneigd om een persoon uit de eigen groep voor de trein te gooien. Ze bevoordeelden dus de eigen groep en zetten daardoor indirect een andere groep op achterstand.”

Het onderzoek geeft aanwijzingen dat oxytocine er ook voor zorgt dat andere groepen direct worden benadeeld. De Dreu: “Soms gebeurde dat wel, soms gebeurde dat niet. We weten niet of dit toeval is, het suggereert dat er specifieke omstandigheden zijn waarbij het knuffelhormoon zorgt voor directe benadeling van andere groepen.” Vervolgonderzoek moet dit uitwijzen, zegt De Dreu. Feit is in ieder geval dat spanning tussen verschillende groepen altijd zal blijven bestaan. “Iedereen wil namelijk laten zien dat hij of zij loyaal is aan de eigen groep. Oxytocine zorgt voor deze automatische tendens.”

Reageren via Facebook

Reacties

Over Rob van Leeuwen