Als ieder seconde telt...
/reageer
Sport & Innovatie Centrum
Sinds eind november 2007 is het Sport & Innovatie Centrum op Papendal in Arnhem open. Het nieuwe centrum is opgezet door NOC*NSF en wil kennis op het gebied van sport en innovatie samenbrengen.’ Sporters kunnen bijvoorbeeld in een klimaatkamer trainen op de effecten van verschillende weersomstandigheden. En eens per jaar wordt sinds 2004 in Eindhoven het congres Sport & Technologie georganiseerd. Sportkoepel NOC*NCF is in 2002 met TNO Sport in 2002 het programma Samen voor Goud gestart. Hieruit is in InnoSport NL gekomen, dat het nationale centrum voor innovatie in de sport moet worden.
Lichtgewicht
Een voorbeeld van een startend bedrijf dat zich op de markt van de sportinnovaties begeeft is Infinious uit Berkel en Rodenrijs. Infinious is opgericht door Delftse ingenieurs die industriële vormgeving en technologie uit de lucht- en ruimtevaart toepassen op alledaagse producten zoals sportuitrusting. Woordvoerder Kasper Snijder ziet kansen voor de ideeën die het bedrijf ontwikkelt. ‘De mensen die bij ons werken hebben allemaal een passie voor het werken met lichtgewicht producten. Dat is voor handig in de sport, waar je geen onnodige energie wil verspillen aan zware apparaten.’ Infinious ontwierp voor fietser Theo Bos een nieuw frame voor zijn Koga-fiets. ‘Hij won daarmee de Masters of Sprint.’ Het frame is een volledig koolstof composiet en is licht en stijf door toepassing van materialen uit de vliegtuigindustrie. Recenter is de vinding van een nieuwe type handbike.
De vraag is of sportvindingen commercieel allemaal even interessant zijn. Voor sommige producten lijken de investeringen niet op te wegen tegen het verwachte succes. Bijvoorbeeld omdat er te weinig mensen zijn die de sport op hoog niveau beoefenen. InnosportNL manager Wijlens denkt dat sporters en ondernemingen beide voordeel kunnen behalen met grensverleggende innovaties. ‘Voor sporters kan het verschil uitmaken tussen zilver en goud,’ zegt hij. ‘Voor ondernemingen betekent innovatie economische groei. Ook kleine starters kunnen profiteren van de toenemende interesse voor sport. Met die redenering is destijds InnosportNL opgericht.’
Als een investeerder zich bij InnosportNL zou melden stuurt Wijlens hem zeker niet weg. ‘Wij zien wel vaak dat in de beginfase van een nieuw concept er niet veel animo is om grootschalig in te stappen. Investeerders wachten liever tot er een bewezen product ligt en de markt al wat verkend is’, zegt hij. ‘Maar goed, instellingen als TNO kunnen die eerste risico’s soms voor hun rekening nemen’. De vraag of bepaalde sportvindingen meer of minder rendabel zijn dan andere, durft Wijlens nog niet te beantwoorden. ‘Hoe dit jonge vak zich ontwikkeld is niet te voorspellen. In algemene zin is het zo dat innovatie kansen biedt maar ook risico’s in zich heeft. Ook voor sportinnovaties geldt: het uitsluiten voor risico’s gaat vaak gepaard met een minimale kans op rendement’.
Reacties
- Er zijn nog geen reacties.
- Reageer zelf














Reageren via Facebook