De nieuwste speeltjes van de geheime dienst /3 reacties

Privacyparadijs of controlestaat

Europese regeringen hebben in de afgelopen jaren verschillende nieuwe wetten aangenomen die de opsporingsbevoegdheden van politie, justitie en de veiligheidsdiensten flink uitbreiden. De reden die daarvoor wordt aangedragen, is de toegenomen dreiging van terroristische aanslagen. Sinds de aanval op New York en Washington op 11 september 2001 domineren voorzichtigheid en angst het handelen van overheden.

Het rapport Van privacyparadijs tot controlestaat?, dat begin februari uitkwam bij het Nederlandse Rathenau Instituut, wil het debat over de verdergaande bevoegdheden van regeringen onder de aandacht brengen van een groter publiek. Nu nog wordt vooral door academici en politici gepraat over de grenzen van de privacy en de wensen van regeringen om beter zicht te hebben op de illegale tot levensbedreigende activiteiten in de maatschappij.

Het rapport, dat onder meer geschreven is door de Brusselse jurist Paul De Hert, concludeert dat de discussie vooral in beperkte kring wordt gevoerd en dat de privacy van burgers daarin nauwelijks een rol van betekenis speelt. Paul de Hert studeerde recht, wijsbegeerte en theologie. Hij is momenteel verbonden aan de rechtenfaculteiten van de Vrije Universiteit Brussel.

De Hert en zijn collega-auteurs schrijven onder meer: “Veel (controle, nvdr)maatregelen hangen direct of indirect samen met de introductie van nieuwe technologieën. Denk bijvoorbeeld aan de invoering van het biometrisch paspoort, de instelling van een databank met DNA-profielen of het gebruik van hoogwaardige afluisterapparatuur of zogeheten slimme camera’s.”
Het kan, dus het mag, lijkt dus het credo van regeringen, aldus de onderzoekers.

Locatie traceren

Het verschil met een geïmplanteerde chip is dat in dat geval op ieder gewenst moment de locatie van een persoon te traceren is. Dobson: “Al is daar natuurlijk wel live-observatieapparatuur voor nodig, vaak satellietnavigatie, en een te raadplegen database waarmee de lokalisatie en personificatie wordt gedaan.”
In 2003 schreef Dobson in The Technology and Society Magazine een kritisch artikel over het persoonlijk en constant kunnen volgen van mensen. Het artikel kreeg de titel Geoslavery, en voert in de Verenigde Staten tot vandaag toe de discussie over het volgen met mensen met de sensormethode.
“Door het combineren van GIS-technologie met GPS en rfid, is het eenvoudig om iemand te lokaliseren en te volgen. Met of zonder toestemming.” En dat zint Dobson niet. Hij refereert aan de Tweede Wereldoorlog: “Hebben we al niet voldoende slechte ervaringen met tatoeages?”

Basisrechten niet verkwanselen

Volgens Vedder moeten we oppassen dat we de basisrechten van het individu niet verkwanselen: “Uit alle technische en juridische maatregelen die regeringen nu doorvoeren, spreekt één ding duidelijk: we vertrouwen de burger niet. Vroeg of laat keert die houding zicht tegen de overheid”, voorspelt Vedder. “Dan volgt massaal protest.'’
Met enige regelmaat duikt zowel bij de voorstanders als bij de critici van traceerbare persoonlijke elektronica de verwijzing naar George Orwells boek 1984 op. “De vrees voor de alziende staat is begrijpelijk”, zegt Vedder. “Want de ironie van de situatie is dat steeds vaker de overheid als argument voor permanente controle de terroristische dreiging noemt: een gevaar voor ons welzijn. Maar het inleveren van privacy is natuurlijk ook een gevaar voor ons welzijn.”

Vedder en zijn collega-onderzoekers wijzen erop dat de politiek garanties moet inbouwen die burgers beschermen tegen de verlokkingen van wat technisch allemaal mogelijk is.
Wat hem verbaast, is dat de nationale volksvertegenwoordigers zo weinig doen om juist de controle op de veiligheidsdiensten te vergroten. “Het was voor ons praktisch onmogelijk om inzicht te krijgen in welke technische mogelijkheden om mensen te schaduwen ook al worden toegepast in de praktijk”, vertelt hij. “Steeds werd op vragen van ons een beroep gedaan op het nationaal belang en de staatsveiligheid.”

Orwels 1984

In het Europees Parlement is privacy wel een issue. “Zonder hysterisch te willen doen, is het toch echt wel zo dat de greep die overheden op burgers proberen te krijgen, Big brother-achtige trekken krijgt”, zegt de europarlementariër Sophie in ‘t Veld. Zij vindt dat Europese regeringen te ver gaan in hun controledrift.
Naar aanleiding van het plan om passagiers op vliegvelden te gaan volgen, zei ze: “Dit is Orwells 1984.” In ‘t Veld verlangt van de Europese Commissie dat al het EU-beleid wordt onderworpen aan een effectenstudie op het gebied van privacy en burgerlijke vrijheden. “Natuurlijk moeten wij ons verdedigen tegen terroristen, maar alleen met proportionele maatregelen.”

Reageren via Facebook

Over Marco van Kerkhoven

Marco van Kerkhoven is bioloog, journalist en onderzoeker bij het Kenniscentrum Communicatie en Journalistiek van Hogeschool Utrecht. Hij doet promotieonderzoek naar nieuwe media businessmodellen.