De tien mythes over Het Nieuwe Werken ontrafeld /6 reacties

# 7. Het nieuwe werken is: voor iedereen

In al het enthousiasme wordt vaak erg makkelijk gedaan over de algemene ­toepasbaarheid van het nieuwe werken. Maar de barman in uw stamcafé zal echt niet nieuw gaan werken, noch de piloot tijdens uw zakenvlucht. En dat is maar goed ook. HNW mag dan populair zijn onder kenniswerkers, de doorsnee werknemer is er nog helemaal niet aan toe. In recent onderzoek van Ruigrok Netpanel gaf 68 procent van de werknemers aan een vaste ‘eigen’ ­werkplek te verkiezen boven een ­flexibele plek. Nog eens 47 procent vindt het ­belangrijk die werkplek te kunnen ­‘personaliseren’. Werknemers willen ‘­gewoon het type Jiskefetkantoor’, ­concluderen de onderzoekers.

# 8. Het nieuwe werken is: ­altijd, overal, met elk device

De opkomst van mobiel internet is mede verantwoordelijk voor de doorbraak van het nieuwe werken. Op elke locatie ­kunnen we nu contact maken met het ­bedrijf en ons werk doen, zo heet het. Dat wordt soms wel erg optimistisch voor­gespiegeld; probeer maar eens een ­verkoopgesprek te voeren in een volle treincoupé met joelende scholieren om u heen, of probeer de jaarcijfers eens bij te werken op uw iPad. Geconcentreerd ­werken vraagt nog altijd bepaalde ­minimumvereisten van de werkomgeving en hulpmiddelen.

….en waarom u er dan tóch aan moet!

Er is één ­allesoverheersende reden waarom bedrijven, zelfs als ze ­zouden willen, niet aan het nieuwe werken ontkomen. Die is dat werknemers erom vragen. Een bedrijf dat HNW niet toestaat, verliest meteen zijn aantrekkingskracht op de arbeidsmarkt. Voor meer dan de helft van de werkende ­Nederlanders is flexibel kunnen werken een belangrijke of doorslaggevende voorwaarde bij het zoeken naar een nieuwe baan, aldus onderzoek van TNS Nipo. Ook bij het vasthouden van werknemers is het belangrijk: als flexibel werken niet mag, is dat voor een kwart van de ­mensen reden om misschien op zoek te gaan naar een andere baan. Geen flexibel werken, geen nieuw talent. Het is een harde ­conclusie.

# 9. Het nieuwe werken is: ­verantwoord werken

Het is werkgevers wettelijk verplicht zorg te dragen voor een veilige en gezonde werkomgeving voor hun personeel. Dat valt bij al dat nieuwe werken niet mee. Er kan een risico-inventarisatie van de thuiswerkplek worden gemaakt, maar hoe ergonomisch zijn de tafeltjes in de Coffee Company waar de kenniswerker zijn uren slijt? En is met een tablet op de bank liggen werken wel arbo-proof?

# 10. Het nieuwe werken is: prettig werken

Ooit was werken – weet u nog? – ’s ochtends vroeg opstaan, de koude auto of bus in, de hele dag tussen kale kantoormuren doorbrengen en om vijf uur aansluiten in de file naar huis. Het nieuwe werken verwijst al die ellende naar het verleden. ­­’s Ochtends ­ontspannen uit de veren, met ­koffie op zolder achter de pc kruipen, ’s middags even naar een ­afspraak, maar op tijd ­terug om de ­kinderen te halen.

Helaas, was het maar zo feestelijk. Het nieuwe werken is ronduit ongezellig. Grote delen van de werkweek zit je als werknemer alleen thuis. Eenmaal op de zaak aangekomen zit je op een flexplek tussen mensen die je nauwelijks kent. Het oude werken leek soms een gevangenis, maar het was ook een sociaal gebeuren. Er werd bijgepraat, verjaardagen werden gevierd. Dat is nu teruggebracht tot een verplicht wekelijks netwerkmoment.

Komende jaren gaan steeds meer mensen het warme kantoor-‘nest’ missen. Er zou wel eens een tegenbeweging kunnen ­komen: de mensen die nu staan te ­trappelen om flexibel te mogen werken, staan ’s ochtends om 9 uur weer voor de deur van het kantoor. Hopelijk is er, ­nadat het kantoor met flexplekken is uitgerust, nog genoeg ruimte voor ze.

Dit artikel verscheen eerder in Management team.

Reageren via Facebook

Over Redactie MT

Management Team is het grootste businessmerk van Nederland en praat ondernemers en managers bij over kansen in business, strategie, management en carrière.