Dit zijn de nieuwe online marktplaatsen /1 reactie

Dit zijn de nieuwe online marktplaatsen

Het aantal marktplaatsen dat vraag en aanbod van consumenten bij elkaar brengt, stijgt weer snel. Deze peer-to-peersites bestaan al zo lang als het web. Waarom zouden ze nu wel de wereld veranderen?

Gidsy, Peerby en Toogethr, drie nieuwe Nederlandse startups, vormen online marktplaatsen waar gebruikers zowel consument als verkoper zijn. De eerste maakt het mogelijk om een activiteit in een stad aan te bieden of bij te wonen. De tweede moet binnenkort in steden het (ver)huren van tweedehands thuisapparatuur mogelijk maken en de derde laat je autoritten (ver)kopen. De betrokken startups faciliteren in feite slechts het samenkomen van vraag en aanbod en ontvangen een kleine marge over de gemaakte transactie.

Hoe kom je aan 100.000 gebruikers?’

P2p-marktplaatsen kunnen door hun verdienmodel alleen succes oogsten als ze een hele grote massa aan mensen weten aan te trekken. En daar zit nu juist de crux, zo werd de oprichter van Peerby, Daan Weddepohl, een paar weken eerder nog ‘fijntjes’ uitgelegd. Hij kreeg na een pitch tijdens een les van de Founder Institute Amsterdam hard commentaar van Aaron Patcher, de ceo van het succesvolle Amerikaanse Mint.com.

“Bij alle Founder Institute-avonden die ik heb bezocht, heb ik al een pitch van een p2p-marktplaats te horen gekregen. Het probleem is alleen: Je hebt een kritische massa nodig die met de tool wil werken. Jij wil dat mensen dit lokaal gebruiken. Maar voordat ze een kookset of beamer kunnen lenen, moet er binnen een straal van een vierkante kilometer minstens één gebruiker zijn met het juiste profiel. Pas als je honderdduizend gebruikers hebt, wordt die kans realistisch. Maar hoe kom je aan die honderdduizend? En traditionele verhuurbedrijven, die al kunnen garanderen dat ze deze spullen kunnen leveren, kunnen je concept zo kopiëren. Ik heb daarom al talloze van dit soort startups zien falen.”

Het kan dus wel

Succesverhalen uit de oude doos bewijzen dat p2p wel een succes kan worden. Marktplaats bijvoorbeeld, of diens eigenaar eBay. De Amerikaanse techblog TechCrunch typeerde deze site een tijd geleden als P2P 1.0, in een artikel dat gaat over de onstuimige ontwikkeling van P2P 2.0, de volgende generatie consumentenmarktplaatsen.

Het verschil tussen de twee: De 2.0 sites hebben nu de kans om specifieke niches en doelgroepen te bedienen, dankzij de mogelijkheden van smartphones en social media. Aanbieders kunnen hun verkoopwaar beter kenbaar maken en consumenten kunnen ook onderweg iets aanschaffen. In de ogen van TechCrunch zit het momentum ook mee, omdat er in crisistijd juist behoefte is aan kostenbesparende oplossingen die op een effectievere wijze vraag en aanbod bij elkaar brengen.

Social media marketing

“Ik geloof ook in de marketingkracht die social media nu aan p2p-marktplaatsen kan bieden”, zegt Guus Drijver, directeur van de Rotterdamse divisie van Friesland Bank en oprichter van het veelbesproken, maar geflopte p2p-leenplatform Boober. Deze in 2007 gelanceerde site, waar particulieren elkaar onderling geld konden uitlenen, wilde een marktaandeel van 1% op de consumentenmarkt bemachtigen, maar kwam met 1,65 miljoen euro in 2009 slechts tot 0,01 procent.

“In mijn tijd stelden Facebook en Twitter nog niet veel voor, waardoor we weinig opties hadden om ons concept bekend te maken onder het online publiek. Dat was jammer, want de andere optie, namelijk het aankopen van internetleads via affiliate sites, was volledig door de DSB Bank opgeëist. Scheringa liet zoveel leads opkopen voor zijn woekerpolissen, dat de prijzen enorm gestegen waren. Omdat we met Boober niet veel durfkapitaal hadden opgehaald, was voor zulke tarieven geen marketingbudget aanwezig. Dodelijk, want mensen weten je niet zomaar op internet te vinden en p2p-sites hebben inderdaad nu eenmaal veel gebruikers nodig voordat het winstgevend wordt.”

De noodzaak van durfkapitaal

Drijver, die zegt dat hij ‘het zo weer zou proberen’, stipt met zijn gebrek aan marketingbudget direct een andere valkuil aan: Investeerders steken niet zomaar bakken met geld in p2p-sites. Gidsy is een van de weinige actuele Nederlandse voorbeelden, hoewel deze startup zijn durfkapitaal van 1,2 miljoen euro vanuit ‘booming Berlin’ vergaarde. Je mag al heel blij zijn, als je bijvoorbeeld zoals logomarktplaats Brandsupply over informal investors kan beschikken.

Drijver: “Succes hebben met een p2p-site is een kwestie van een hele lange adem. Niet alleen vanwege de marketingkosten en het hoge tipping point, maar ook omdat je alles juridisch dichtgetimmerd moet hebben. Wie naar het buitenland wil uitbreiden, verzandt snel in Europese en nationale wet- en regelgeving. Dat kost je zo een paar ton. Een investeerder moet inzien dat het moment van cashen ver naar achteren geschoven is.”

Schaalbaarheid vaak internationaal

Uitbreiding naar het buitenland is niet zelden onontbeerlijk, juist om p2p-concepten schaalbaar te kunnen maken. “We ondernemen hier nu eenmaal niet in Amerika”, reageert Drijver. “Daar is beter een kritische massa te bereiken. Prosper, een succesvolle site die eenzelfde model hanteert als Boober, is bijvoorbeeld op deze markt gebaseerd. Ik durf te wedden dat er in Nederland nog geen succesvolle Boober-kloon is opgestaan”, aldus de bankdirecteur, die momenteel meer vertrouwen heeft in de consumentenverkoop van andere artikelen dan financiële producten.

Al is het zelfs op de Amerikaanse markt een strijd op leven en dood. Techsite Venturebeat ontdekte dat Zaarly, een in 2011 gestarte marktplaats die 500.000 euro ophaalde bij bekende investeerders als Felicis Ventures en Lightbank, om klanten loopt te leuren door middel van het benaderen van leden op de grote en al jaren draaiende concurrent Craigslist. Oprichter Eric Koester reageerde verontschuldigend. AirBnB, een jonge marktplaats voor couchsurfing, lijkt zich ook van deze opportunistische strategie te bedienen. Succes oogsten met p2p-verhuur en verkoop is een helse opdracht, dat is duidelijk.

Ook interessant:

Meer business met betere webcontent
Internet is voor dummies
Google is onvindbaar in ons brein

Reageren via Facebook

Over Bas van Essen

Bas van Essen is journalist bij ondernemersblad Sprout. Hij heeft een speciale interesse voor innovatie, technologie, startups en de internetscene.