Het geheim van het grote geheim: je hoeft het niet te vertellen /reageer

Binnenvetter of niet

Wismeijer legde daarnaast statistische gegevens over geheimen en gezondheid naast persoonlijkheidseigenschappen. Uit eerder onderzoek blijkt dat twintig tot dertig procent van de mensen een self concealer ofwel binnenvetter is. Kenmerken zijn het actief en doelbewust verbergen van persoonlijke informatie die als negatief ervaren wordt. In extreme mate. Zo’n self concealer gaat ervan uit dat andere mensen hem minder aardig en interessant zullen vinden als ze achter zijn slechte eigenschappen komen. Daarom probeert hij deze zoveel mogelijk te verbergen. Een self concealer schaamt zich voortdurend voor wie en wat ze zijn. Dit heeft een enorme impact op hun sociale netwerk en hun gevoelsleven. Self concealers hebben vaak een klein sociaal netwerk en isoleren zich van anderen, om hun ‘negatieve kanten’ maar niet te hoeven laten zien.

Geheimen slecht voor binnenvetters

Wat uit Wismeijers onderzoek nu blijkt, is dat wanneer iemand een binnenvetter of self concealer is, dat het bewaren van een groot geheim dan zwaar op zo iemand drukt. Zo iemand piekert over het geheim en gaat zich nog meer isoleren. Alle stress-effecten die kunnen optreden bij het bewaren van een geheim gaan optreden. Iemand die geen binnenvetter is, piekert vaak minder en heeft wel goed oog voor effecten die het onthullen van zijn geheim op zijn sociale leven zal hebben. Voor dit soort mensen is het vaak juist beter om hun geheim te bewaren. Waarom dit zo is gaat Wismeijer de komende tijd verder onderzoeken. Voor meer informatie zie de website geheimenvan.nl.

Reageren via Facebook

Reacties

Over Audrie van Veen

Audrie van Veen is technologie en innovatie trendwatcher en en heeft haar eigen bedrijf voor wetenschapspopularisatie, Audrie van Veen Connecting Science. Daarnaast werkt ze als adviseur voor Europese R&D-subsidies voor Agentschap NL/EG-Liaison, een dienst van het Ministerie van Economische Zaken. Hiervoor werkte ze voor overheid en bedrijfsleven in Nederland en Frankrijk. In Frankrijk volgde ze voor de Nederlandse overheid enkele jaren Franse ontwikkelingen en bevorderde de samenwerking tussen Nederlanders en Fransen op technologisch en wetenschappelijk gebied.