Innovatie in de cultuursector: het Glasmuseum doet het zo /reageer

Innovatie in de cultuursector: het Glasmuseum doet het zo

Wie?

Arnoud Odding (Twitter), voormalig directeur van het Nationaal Glasmuseum, Leerdam

Wat?

Cultureel ondernemerschap?

Dit artikel is onderdeel van een serie over ondernemerschap in de culturele sector. Lees ook het inleidende verhaal: hoe de sector van het subsidie infuus af kan

Als Arnoud Odding in 2004 aantreedt als directeur van het Nationaal Glasmuseum, staan de ­zaken er slecht voor. Odding, die dan al een tijdje als adviseur bij het museum betrokken is, heeft te ­­maken met troosteloze cijfers: 4 medewerkers, 1 vrijwilliger, 13.000 bezoekers per jaar en een ­omzet van 160.000 euro. In 2010 ziet dat plaatje er heel anders uit, inmiddels werken er 20 ­vaste medewerkers, helpen 150 vrijwilligers het museum, is het aantal bezoekers gestegen naar meer dan 90.000 en is een omzet behaald van 1.350.000 euro.

Verleden behouden

“De klus is volbracht”, zegt Odding dan ook. In de tussenliggende jaren is het museum gedigitaliseerd, het pand gemoderniseerd en ­uitgebreid, is een samenwerking met de glasblazerij tot stand gekomen en heeft het museum een vriendengroep van 1.400 glasliefhebbers om zich heen verzameld.

Odding: “Toen ik aantrad was het idee om een grote glasexperience buiten het centrum te ontwikkelen, maar ik heb het tegenovergestelde gedaan. Als je het verleden om zeep brengt, dan krijg je geen steun meer.”

Niet vergeten

Met de ­geschiedenis van het museum als uitgangspunt heeft Odding de gewenste vernieuwing door­gevoerd. Glas staat nog steeds centraal, maar wel op een andere manier. Zo werden uiteen­lopende ­kunstenaars uitgenodigd om in een open ruimte nieuwe glasontwerpen te maken rond ­bepaalde thema’s.

Odding: “Die vernieuwing zorgde weer voor producten, die we in productie ­hebben ­gebracht. Met Piet Hein Eek hebben we bijvoorbeeld lampen ontwikkeld, Kamagurka maakte een eiertafel. Zo zijn we een soort bedrijf geworden, waarbij we per kunstenaar afspraken maken over de ­financiële voorwaarden. Het experiment bleef echter altijd voorop staan. Je moet nooit vergeten waarom je er bent.”

Het eerste volledig jaar (2005) dat Odding er was, draaide het museum op 60 procent ­subsidie tegenover 40 procent eigen inkomsten. Tegenwoordig staan de zaken er anders voor: circa 15 procent van de omzet is structurele overheidsfinanciering en 85 procent wordt uit heel verschillende bronnen verdiend ­zoals de winkel, opdrachten, workshops en ­bijzondere projecten.

In 2009 beschreef Arnoud Odding zelf het transformatieproces van het Nationaal Glasmuseum in een uitgebreid artikel.

Meer voorbeelden..
Innovatie in de cultuursector: het Wereldmuseum doet het zo
Innovatie in de cultuursector: Incubate doet het zo
Innovatie in de cultuursector: Marres/Art-Partner doen het zo
Innovatie in de cultuursector: Corpus doet het zo

Reageren via Facebook

Reacties

Over Rob van Leeuwen