Op zoek naar een verdienmodel voor cybermusic /3 reacties

Do-It-Yourself!

Adam HirschhornDe digitale revolutie binnen de muziekcultuur doet in sommige opzichten denken aan eerdere culturele revoluties. Als reactie op de dominantie van gefabriceerde popmuziek afkomstig van de gevestigde muziekindustrie, ontstond in de jaren ‘70 de punkbeweging.
Punk probeerde de muziekcultuur op een pragmatische wijze te veranderen, namelijk door zelf met een alternatief te komen. De punkbeweging zorgde voor een stormvloed van nieuwe bands en zelfstandig geproduceerde muziek. Punkmuziek werd door onafhankelijke platenlabels uitgebracht en verder verspreid door met gelijkgestemde (internationale) punklabels en platenzaken samen te werken.

Indie

Ondanks haar goede bedoelingen en heldere strategie heeft de punkbeweging – op een kortstondige modehype na – geen ingrijpende verandering van de dominante muziekcultuur teweeggebracht. Ook de tweede opleving van de ‘Do-It-Yourself’-mentaliteit, binnen de ‘indie‘ subcultuur van de jaren ‘90, heeft in die zin niet mogen baten.

In beide gevallen bleek toegang tot de effectieve distributie- en promotiekanalen van de monopolistische, gevestigde platenmaatschappijen noodzakelijk om een massapubliek te bereiken. Het was voor muzikanten dus kiezen tussen conformeren – samenwerken met een gevestigde platenmaatschappij – óf onafhankelijk blijven en gedoemd zijn tot een bestaan in de marge. Maar de digitale revolutie is anders en stelt de muzikant eindelijk werkelijk in staat om het heft in eigen handen te nemen.

Wereldwijd publiek

Digitale technologie biedt iedere gebruiker de mogelijkheid om een wereldwijd publiek te bereiken. De digitale muziekcultuur schept ruimte voor ‘CyberIndie’. Dankzij het internet kunnen muzikanten voor het eerst in de geschiedenis zelfstandig en op een toegankelijke manier een massapubliek bereiken. De distributie- en promotiekanalen van de gevestigde muziekindustrie zijn hierdoor niet langer onmisbaar, wat noodzakelijke samenwerkingsverbanden en gedwongen artistieke concessies onnodig maakt.

Het benutten van de mogelijkheden van de digitale muziekcultuur vraagt om een actieve houding, lef en inzicht

De bal ligt nu bij de muzikanten. Het benutten van de mogelijkheden van de digitale muziekcultuur vraagt om een actieve houding, lef om te innoveren en inzicht in de behoeften van de hedendaagse muziekliefhebber. Maar als er een tijd is waarin het voor muzikanten loont om het zelf te doen, dan is het nu.

Binnen een democratischer muzikaal landschap is het niet per definitie makkelijker voor muzikanten. Zij moeten zich blijven onderscheiden, misschien zelfs nog wel sterker dan voorheen.

CyberIndie

Dit artikel is gebaseerd op de afstudeerscriptie “CyberIndie: Digitale muziekcultuur en de veranderende muziekindustrie” – PDF – waarin Maarten Brinkerink onderzocht hoe digitale technologie de muziekindustrie verandert.

Een belangrijk verschil is wel dat de macht van de gevestigde muziekindustrie afneemt, terwijl de muziekliefhebber juist meer zeggenschap krijgt. Momenteel groeit het internet uit tot hét muziekkanaal van de toekomst en brengt muziekliefhebbers in contact met een omvangrijker en diverser muziekaanbod dan ooit tevoren. De digitale muziekcultuur is onstuitbaar en dient onder ogen te worden gezien.

Muzikanten die de verspreiding van hun muziek aanmoedigen, vergroten de kans dat zij in de ‘overvloed’ van muziek opgemerkt worden. In de digitale muziekcultuur is de aandacht van de muziekliefhebber namelijk het meest waardevolle ‘goed’ geworden.

Reageren via Facebook

Over Maarten Brinkerink

Maarten Brinkerink (http://www.maartenbrinkerink.net) is afgestudeerd aan de masteropleiding Nieuwe media en digitale cultuur (Universiteit Utrecht). Hij heeft een brede interesse in de sociale, maatschappelijke en culturele implicaties van digitale media en is gespecialiseerd in digitale muziekcultuur. Momenteel is hij werkzaam als freelance publicist/tekstschrijver en actief betrokken bij Simuze (http://www.simuze.nl); hét Creative Commons-muziekplatform voor muzikanten en muziekliefhebbers in Nederland.