Slimme producten en ethiek: de uitdaging van industrial design /reageer

Meelezende lamp

beeld: Bart van OverbeekeTer illustratie toont de hoogleraar een filmpje van een bijzondere leeslamp, ontwikkeld binnen de onderzoeksgroep DQI. De gebruiker van de lamp kan het licht verstellen door over de rug van het apparaat te strelen. Met behulp van sensoren ‘zoekt’ de lamp het te lezen boek op en volgt het zodra de lezer van houding verandert.

Een prachtig staaltje technologie, waarover de laatste vraag echter nog niet is gesteld. Hoe snel moet de lamp meebewegen? Is de lamp prettig en eenvoudig in het gebruik? Stelt de lezer prijs op een bewegende lamp? Vragen die volgens Overbeeke op veel méér betrekking zouden moeten hebben dan enkel op de criteria gebruiksvriendelijkheid en efficiëntie.

“Een viool is bijvoorbeeld helemaal geen efficiënt ding. Je moet vreselijk lang oefenen om hem te kunnen bespelen.”

“Efficiëntie moet volgens mij nooit een doel op zich zijn. Een viool is bijvoorbeeld helemaal geen efficiënt ding. Je moet vreselijk lang oefenen om hem te kunnen bespelen. Toch is vioolmuziek prachtig.”
Een product moet volgens Overbeeke een bepaalde handeling aangenaam maken. Het moet op een intuïtieve, natuurlijke manier te gebruiken zijn. “En, wat ik heel belangrijk vind, het moet mooi zijn. Het leven is vaak zo vreselijk onpoëtisch en lelijk.”

Subjectieve begrippen

Mooi. Poëtisch. Lelijk. Subjectieve begrippen, die in een wetenschappelijke omgeving als de TU/e vreemd aandoen. Overbeeke is zich bewust van de mogelijke kritiek op zijn uitgangspunten. “Emotie wordt hier inderdaad meestal niet als argument gebruikt. Terwijl ook de ‘harde’ wetenschappen altijd op intuïtie vertrouwen om fenomenen duidelijk te krijgen.”

Om ze gevoel bij te brengen voor het niet-rationele, geeft Overbeeke zijn studenten opdrachten waarbij ze op hun intuïtie moeten vertrouwen. Zo moesten masterstudenten het afgelopen jaar een product ontwerpen naar aanleiding van verschillende muziekstukken, van onder anderen Debussy. Het resulteerde onder meer in een elektrische tandenborstel die, in overeenstemming met de melodie, dan zachtjes, dan juist hard en schokkend over het gebit borstelt.

Alfa- en bètagolven

Ook ontwerpen die via deze onconventionele weg ontstaan, moeten uiteindelijk wel de toets der wetenschap doorstaan, benadrukt Overbeeke. “Dingen worden hier getoetst en getest. Door mensen te bevragen en door fysiologische reacties te meten. Zoals de toename van iemands hartslag, het afwisselen van alfa- en bètagolven in de hersenen, veranderingen in de huidweerstand, enzovoorts.”