Sociale nieuwsstrijd in Nederland /2 reacties

Sociale nieuwsstrijd in Nederland

In Nederland is de laatste paar weken sprake van een opkomst van het zogenaamde sociale nieuws. Nieuws waarbij de bezoekers bepalen wat zij nieuws vinden in tegenstelling tot het voorpaginanieuws ‘oude stijl’ waar een redactie bepaalt wat belangrijk nieuws is.

De sociale top 3

eKudos heeft al een aardige groep gebruikers, maar heeft duidelijk een sterkere en actievere community nodig om de kritische massa te kunnen bereiken. De laatste periode wordt de eKudos button dankbaar gebruikt op een toenemend aantal websites en weblogs. De viraliteit en de bezoekersaantallen van eKudos nemen hierdoor toe.

MSN Reporter heeft het niet helemaal begrepen. Sommige links worden verwijderd omdat deze voor volwassenen zouden zijn, terwijl de kracht van sociaal nieuws juist is dat de gebruikers dat zelf bepalen en niet een redactie. De community is al wel voorradig en MSN weet deze goed naar ‘reporter’ te sturen. Op MSN staan soms absurd hoge aantallen votes; het is mogelijk om vaker op items te stemmen en sommige webloggers promoten zo hun artikelen.

Nieuwsfilter is nog slechts als test neergezet en loopt nog nauwelijks. Wanneer echter aandacht aan de site gegeven wordt door omroep.nl zelf dan kan makkelijk een grote groep gebruikers aangetrokken worden uit de eigen community.

Digg-klonen

Goed gekeken naar Digg.com, dat in korte tijd tot de best bezochte tech-website uitgegroeid is, nemen in Nederland diverse websites de mogelijkheid om te stemmen voor nieuws over. eKudos kopieerde het succesvolle format als een van de eerste, daarna volgde al snel Tipt.nl, de Nederlandse tak van Reddit, het sociale nieuws van Klup en MSN reporter. Dagblad Trouw maakte het voor haar ‘in de buurt‘ ook mogelijk om nieuws positief dan wel negatief te beoordelen. Omroep.nl en nu.nl zijn beiden aan het testen met respectievelijk Nieuwsfilter en NuJij.

Sociaal nieuws lijkt dus ineens ‘hot’ in Nederland. Vooralsnog is het echter alleen nog populair bij websitemakers en lijkt deze populariteit nog niet over te slaan op het grote publiek. Enkele initiatieven zijn zo goed als dood en de nog levende initiatieven hebben nog geenzins de krititische massa bereikt om nieuwsbepalers te zijn. eKudos weet dankzij al een redelijk lang bestaan, de nodige marketing en aandacht nu een redelijk publiek te bereiken en MSN reporter heeft vlak na de lancering al heel wat gebruikers dankzij de enorme msn-’community’. Beide volgen echter nog steeds nieuws in plaats van dat zij nieuws bepalen.

Voorlopers

De voorlopers van sociale nieuwssites zijn de sites waar bezoekers hun nieuws konden inbrengen. Een redactie beoordeelt welk nieuws daadwerkelijk geplaatst wordt. Slashdot is het grote succes Engelstalig en in Nederland draait de frontpage Fok grotendeels op de inbreng van bezoekers / gebruikers.

Ondanks dat veelal gedacht wordt dat Digg de eerste was die bezoekers liet bepalen wat nieuws is, zonder redactie, waren er al veel langer sites waar bezoekers dit letterlijk bepaalden. Linkfilter bijvoorbeeld, dat zeker al sinds 2000 bestaat, liet bezoekers ook al waarderingen aan de links geven en de waarderingen bepalen de links die op de voorpagina komen.

Bereik van Slashdot en DiggDigg heeft sinds de start echter een gigantische groei doorgemaakt en is vrij snel (vanaf het tweede kwartaal in 2006) Slashdot in bezoekersaantallen ruim voorbij gestreefd (zie grafiek). Digg moet dus duidelijk iets toegevoegd hebben aan de al bestaande sociale nieuws-/linksites. Viraliteit lijkt het belangrijkste te zijn geweest. Het succes van Digg werd al snel opgevolgd door websites zoals Netscape, Newsvine en nog een enorme lijst anderen.

Viraliteit

Digg zet niet alleen de ‘populairste’ of ‘meest gewaardeerde’ links chronologisch neer over een bepaald tijdsbestek. Digg heeft viraliteit in het systeem / algoritme toegepast. Wanneer je de voorpagina van Digg bekijkt staan de items niet op volgorde van aantal stemmen op de voorpagina. Digg ‘kijkt’ naar hoe snel op nieuws gestemd wordt. Krijgen bij wijze van spreken twee items in een week evenveel stemmen, maar krijgt het ene item dit over de hele week verspreid en het andere item dat binnen een dag (of een paar uur) dan zal het eerste item nooit op de voorpagina komen en het tweede item alles voorbijstreven. Digg rangschikt dus naar ‘viraliteit’ van links.

Die viraliteit is het succes van Digg. De website werd bekend en groot doordat zij (haar bezoekers!) sneller nieuws wisten te brengen dan de oude media. Nieuws dat de nieuwsconsument interesseert omdat dezelfde nieuwsconsument dat nieuws bepaalt. Die nieuwsconsument was voor Digg ook niet de eerste de beste nieuwsconsument. Eerst was de sociale nieuwssite vooral gericht op ‘tech’. Logisch, of een gouden greep, want interessant voor de early adopters: nieuwsjunks (om wat voor reden dan ook), webloggers, etc. Zij willen bovenop het nieuws zitten, zij houden Digg in de gaten omdat dat de beste virale nieuwsbron is. Op het internet is tech-nieuws daarvoor het interessantste onderwerp: dat maakte slashdot groot en Digg nog groter.

Webloggers profiteerden van het plaatsen van artikelen op Digg doordat zij bij succes een groot aantal bezoekers konden verwachten. Andere initiatieven met Digg-features zoals bijvoorbeeld het Yahoo suggestion board zijn duidelijk helemaal niet populair te maken. Waarschijnlijk ligt dit in de reden dat submitters willen profiteren van het inbrengen van ‘nieuws’. Of dit nu hogere bezoekersaantallen zijn, geld of de eer, wanneer men niets terugkrijgt van een site lijkt het gedoemd te mislukken.

Kritische massa

Om als virale nieuwsbron succesvol te worden heb je een kritische massa nodig. Het Engelstalige Digg en nog enkele anderen (NewsVine, OhMyNews) lukten dat prima om die kritische massa te bereiken. In Nederland is dit lastig (zo niet onmogelijk). We lopen op veel (tech-)gebieden achter en volgen internationale (Engelstalige) sites. Een succes van Digg, dat dus gebaseerd is op de early adopters, zal een Nederlands initiatief daarom moeilijk bereiken. De early adopters in Nederland zullen namelijk de internationale sites blijven volgen omdat die veelal sneller zijn met het nieuws. Uitzonderingen zijn Nederlands nieuws en gespecialiseerd (niche) nieuws.

Het Digg-effect

Een grote meerwaarde van een sociale nieuwssite dat je nieuws vindt dat je niet zo snel op de reguliere nieuwssites vindt. Niet het reguliere ANP-nieuws is interessant, want dit wordt veelal direct op allerlei nieuwssites geplaatst. Nee, nieuws van weblogs of andersoortige websites is interessant om centraal te kunnen lezen zodat je niet al die websites zelf hoeft af te zoeken. Tussen dat nieuws bevindt zich soms echt nieuws dat sneller opgepakt kan worden door een sociale nieuwssite dan door de reguliere websites.

Daarom kan een sociale nieuwssite ook erg interessant zijn voor weblogs zelf. Als er genoeg bezoekers komen van een sociale nieuwssite is het interessant om artikelen op de voorpagina te krijgen. Bij Digg spreekt men bijvoorbeeld al van het Digg-effect: het platgaan van de website door de enorme toestroom van bezoekers die een artikel op de voorpagina van Digg oplevert.

Dit is voor de startende website met sociaal nieuws wel een kip of ei verhaal. Voor publishers wordt de website interessant zodra deze veel verkeer oplevert, maar dat verkeer komt er pas als er genoeg artikelen geplaatst worden en er genoeg bezoekers zijn die nieuws naar de voorpagina stemmen en doorklikken vanaf de voorpagina. Digg lijkt deze kip/ei kwestie doorbroken te hebben; in Nederland lijken de sociale nieuwssites nog te worstelen met dit probleem.

Psst .. Diggs kopen?

Techmagazine Wired liet vorige week zien hoe eenvoudig het is op de homepage van Digg te komen. De verslaggever betaalde er $450 voor, aan een bedrijfje genaamd User/Submitter.

Saillant detail bij deze reportage is dat Wired eigenaar is van de grootste concurrent van Digg, Reddit. Web2.0 blog Techcrunch vindt het een duidelijk geval van smaad en adviseert Digg “to sue Wired”.

Gekleurdheid van nieuws

De populariteit van Digg zorgt ook voor de nodige kritische kanttekeningen en steeds meer geluiden dat Digg ten onder zal gaan aan het eigen succes. Omdat sociale nieuwssites volledig zonder redactie werken kan al het nieuws de voorpagina bereiken en zo ‘groot’ nieuws worden. Ook feitelijk onjuist nieuws. Veelgehoorde kritiek op Digg is ook de gekleurdheid van nieuws. De techies die Digg graag bezoeken hebben hun gezamenlijke voorkeuren voor bijvoorbeeld Apple, Firefox en Google vs. Microsoft.

De populariteit van Digg is natuurlijk ook geld waard. Een link naar je website op de voorpagina van Digg levert veel bezoekers op en dus ook bekendheid en omzet. Bedrijven schijnen grof geld te betalen voor een link op de voorpagina van Digg en dat resulteert in beinvloeding van de resultaten. Het merendeel van het nieuws wordt op Digg verzorgd door een relatief kleine groep ‘top users’ (100 gebruikers zorgen voor 56% van de content) en via hen zijn de resultaten dan dus ook vrij makkelijk te manipuleren.

De kritiek op Digg zorgt weer voor nieuwe initiatieven die proberen evenwichtig sociaal nieuws te brengen. Spotplex is een onlangs gelanceerde website gebaseerd op Digg, maar met dat verschil dat er niet gestemd wordt op nieuws, maar gekeken wordt naar hoe vaak doorgeklikt wordt op nieuws. Nu lijkt dit systeem net zo fraudegevoelig, maar feit is dat aan alle kanten getracht wordt zo goed mogelijk sociaal nieuws te kunnen brengen. Sociale nieuwssites zijn nu eenmaal erg populair en wil men deze populariteit vasthouden dan zal men alles in het werk moeten stellen zo goed mogelijk nieuws te kunnen brengen. Het sociale nieuws is dus nog volop lerende.

Leren van de weblogs

GeenStijl is populair geworden door aandacht van de reguliere mediaTerug naar Nederland. De recente start van diverse sociale nieuwssites heeft nog niet geleid tot een groot succes. Enkele grote weblogs zijn al wel succesvol; veelal doordat ze met een of meer artikelen het reguliere nieuws haalden. GeenStijl is het grootste weblog in Nederland geworden doordat ze in het verleden een aantal scoops haden die opgepikt werden door al dan niet bevriende reguliere media. Daarmee vond een ommezwaai plaats waarin GeenStijl in een keer een kritische massa bereikte en de bezoekers GeenStijl in de gaten gingen houden om nieuws / scoops te lezen.

Sociale nieuwssites kunnen weblogs perfect faciliteren in het bereiken van een groter publiek met hun nieuws en daarmee sneller nieuws van weblogs presenteren dan reguliere nieuwssites dat kunnen. Belangrijk daarbij is zoals eerder gezegd het bereiken van de kritische massa, maar ook het zo min mogelijk vermelden van regulier nieuws (linken naar gevestigde nieuwssites). Nieuws van de reguliere media is in de ogen van de sociale nieuwsconsument namelijk geen nieuws meer als het al gepubliceerd is. Zeker niet als er nog wat tijd overheen gaat voor het op de voorpagina als nieuws gepresenteerd wordt.

Als eerste plaatsen

Sociale nieuwssites kunnen populair worden wanneer ze interessant nieuws als eerste weten te plaatsen. Daarmee wordt een site interessant voor webloggers die er naar zullen linken en zo meer bezoekers die kunt op zullen sturen. Sociale nieuwssites moeten de viraliteit van weblogs dus goed inzetten om zelf viraal nieuws te kunnen presenteren. Bereik je dat als sociale nieuwssite niet dan blijf je slechts een aardigheid waarbij nieuws geselecteerd wordt door je bezoekers en diezelfde bezoekers zo snel even kunnen koppensnellen.

Gevoelsmatig is duidelijk dat voor sociaal nieuws in Nederland ruimte is, maar die ruimte is beperkt. Slechts enkele sites zullen overleven en de kritische massa gaan bereiken. eKudos lijkt daarin tot nu toe de grootste voorsprong te hebben, maar moet opboksen tegen websites als MSN reporter en Omroep.nl die al over een grote community beschikken en zo aantrekkelijker zijn voor weblogs om meer bezoekers te krijgen. De toekomst zal uitwijzen wie de sociale nieuwsstrijd in Nederland weet te winnen en/of overleven.

Reageren via Facebook

Over Michel Rijnders

Michel Rijnders volgt vanuit persoonlijke interesse de ontwikkelingen op internet op de voet. Op diverse websites schrijft hij artikelen, waaronder op het eigen http://www.hrlog.nl en zijn persoonlijke weblog http://www.michelrijnders.nl/weblog