Wachten op het eerste 3D geprinte voedsel /1 reactie

Wachten op het eerste 3D geprinte voedsel

3D printen ontwikkelt zich razendsnel. Voorwerpen of speelgoed printen is inmiddels kinderspel en in de medische wereld rolt binnenkort levend materiaal uit de printer. De volgende stap is voedsel, bleek op het 3D Printing Event in Eindhoven.

“3D printen? Kan dat dan?”, zo werd me gevraagd door een collega. Het antwoord is ja, dat kan. Om preciezer te zijn het kan al een hele tijd. De technologie die wordt gebruik voor 3D printen is al twee decennia oud. Het Nederlandse bedrijf Shapeways (spin-off van Philips) heeft hier zelfs haar business van gemaakt en laat bedrijven en consumenten zelf ontwikkelde of gepersonaliseerde objecten in 3 dimensies afdrukken.

Het programma voor het printing evenement is divers: van presentaties over design tot het wel heel erg “science fiction achtige” food printing. Het merendeel van de aanwezigen tijdens het evenement is mannelijk, relatief jong en meer casual dan zakelijk gekleed. Toch is er een ook een groep vrouwelijke studenten van de TU Delft.

Wanneer printen we allemaal in 3D?

Volgens Pieter Hermans duurt het 5 tot 10 jaar voor de 3D print markt thuis begint, het is op dit moment nog iets voor hobbyisten. Volgend jaar is er weer een 3D Printing Evenement is Eindhoven, mogelijk dat er ook elders ter wereld evenementen zullen worden gehouden.

Volgens de Bruin begint, nu de patenten op 3D verlopen zijn, de opmars van 3D printing pas. Patenten hebben namelijk de groei van 3D Printing tegen gehouden. Ultimaker, het bedrijf dat hij mede heeft opgericht is gebouwd op open source concepten van anderen. (Bekijk zijn complete presentatie)

Een van de belangrijkste ontwikkelingen is de vereenvoudiging van de software. De leercurve is van 1 maand bij CAD toepassingen, verminderd tot 1 uur bij Sketch Up en zelfs 1 minuut bij Tinkercad. Dit maakt dat 3D printing van de professional naar amateurs verschuift. Maar dit is wel een valkuil, niet iedereen kan iets moois en goeds maken met een 3D printer. Net zoals Paintshop niet van iedereen een ontwerper maakt. Wel maakt 3D printing het mogelijk voor bedrijven om hun klanten een nieuw sparepart te laten printen door het model ter beschikking te stellen.

Bas van Abel van Waag Society had een heel andere insteek voor zijn presentatie. Hij wilde een Nintendo DS openmaken om hem te maken en kwam er toen achter dat er een heel speciaal type schroevendraaier voor nodig was, een z.g. triwing. Het frustreert Bas dat Nintendo het extra moeilijk maakt om bijvoorbeeld het apparaat zelf te repareren. If you cannot open it, you don’t own it.

Bas laat vervolgens een filmpje zien van het maken van een toaster vanaf nul, dus het maken van ijzer uit ijzererts. Bekijk het filmpje hieronder:

Massaproductie is niet meer van deze tijd, betoogt Bas. Je zou veel dingen zelf of samen kunnen maken. Bekijk hier zijn volledige presentatie.

3D printen voor kinderen

Joris Peels van Origo had een opvallende presentatie. Naast het feit dat hij een duidelijk overzicht gaf van de diverse manieren om 3D te printen (inclusief voor- en nadelen) gaf hij ook duidelijk en ongezouten zijn mening over de wereld van massa geproduceerde producten (one size fits none).

3D printing is volgens Joris nog onvolwassen. De afwerking is arbeidsintensief en de kosten extreem hoog (4750% marge op de materialen). Daarnaast is op dit moment het grootste gedeelte wat er 3D wordt geprint zeer waarschijnlijk bestemd voor de vuilnisberg, het is namelijk troep.

Vanuit zijn ervaring bij Shapeways is hij nu een eigen bedrijf begonnen om 3D printen voor kinderen van een jaar of 10 te ontwikkelen. Kinderen zijn, volgens Joris, een perfecte doelgroep, ze kijken ernaar en gaan aan de slag. Bekijk zijn presentatie.

Het printen van voedsel

De middag heb ik de presentaties bijgewoond over food printing. Hetzelfde principe als het normale 3D printen, het laagje voor laagje printen van objecten, zou je dat ook niet kunnen gebruiken om voedsel te printen? Helaas zijn van deze sessies geen presentaties beschikbaar online.

De eerste presentatie werd gegeven door Marcello Coelho die samen met Amit Zoran bij MIT aan het Cornucopia project heeft gewerkt. Hun idee is dat koken eigenlijk weinig is veranderd in de digitale revolutie.

Prototype van de Chocolate, Candy and Nuts machine

In het Cornucopia project zijn drie prototype apparaten ontwikkeld: de Digital Fabricator (een 3D food printer), Virtuoso Mixer (om te experimenteren met recepten) en de Robotic Chef (om het te bereiden). Het zijn echte prototypes, maar ze zijn er erg gelikt uit. Andere grappige voorbeelden wat Marcello laat zien zijn Blendie, een stemgestuurde mixer en het maken van koekjes alsof je met Photoshop Cook werkt.

Een van de grootste problemen met het 3D printen van voedsel zijn de spuitmondjes die steeds verstopt raken, zowel bij de prototypes van MIT als bij echte machines.

Smaakt niet

Jeffrey Lipton van Cornell University presenteert het open source Fab@home project. Doel is om wat je nodig hebt zelf thuis te kunnen printen. Zelf voedsel printen is volgens hem de toekomst, sterker nog de killer app voor 3D printing. Ze zijn begonnen met glazuur. De eerste experimenten werkten wel, maar smaakten niet.

Met behulp van Chef David Arnold (een moleculair gastronomist) zijn ze nu toch in staat om eenvoudige objecten te printen zoals een 3D model van de Space shuttle gemaakt van Sint Jacobsschelp (Scallops).

De presentatie van Kjeld van Bommel van TNO ging meer over het printen van hele kleine druppeltjes. Dit om een gelijkmatiger resultaat te krijgen qua grootte.

De toekomst volgens Philips

Philips liet zien op welke manier zij kijken naar de toekomst van voedsel. Niet morgen of overmorgen maar veel verder in de tijd, Horizon 3 (meer dan 10 jaar). Dit in tegenstelling tot de andere design stages die Philips kent: Horizon 1 (1 tot 3 jaar) en Horizon 2 (3 tot 5 jaar).

De food design probe is dan ook niet bedoeld als product prototype maar veel meer een studie hoe de toekomst eruit zou kunnen zien. Dit gaat dan ook verder dan ‘eenvoudig’ voedsel printen maar kijkt naar een heel scala van aspecten om voedsel heen, zoals voorlichting, functioneel voedsel en voedsel als medicijn.

In de foodprobe wordt ook gekeken naar de bereiding van voedsel. De al eerder genoemde molecular gastronomy, 3D foodprinting en de concepten van MIT zie je ook terug in het werk van Philips. Bijvoorbeeld nieuwe interfaces om een recept te bereiden en bijvoorbeeld het gebruik van cartridges met ingrediënten. Meer informatie in onderstaande video.

Food jet printing

Als je de presentatie van Pascal de Grood goed bekijkt, is het grootste gedeelte van zijn werk eigenlijk nog 2D printing. Zijn bedrijf Foodjet maakt apparaten die voedsel printen, zoals bijvoorbeeld pannenkoeken. Hij richt zich op het personaliseren van in massa geproduceerd voedsel.

In tegenstelling tot de eerdere sprekers laat Pascal zien wat er in de praktijk nu al leverbaar is. Met behulp van camera’s en een geavanceerd systeem kan hij op hoge snelheid en grote volumes voedsel decoreren. Daarbij zijn afwijkende formaten of willekeurige plaatsing op een band geen probleem. Zie onderstaand filmpje.

Maar het is niet alleen maar veel van het zelfde produceren. Een klant van hem wil juist dat ieder object uniek wordt opgemaakt, om de klant het gevoel te geven dat het nog steeds ambachtelijk handwerk is in plaats van machinaal.

Oorbellen en manchetknopen

Aan het einde van de middag zijn er nog een aantal presentaties die weer gaan over het printen van niet eetbare objecten. Zoals de mogelijkheid om door jouw ontwerpen accessoires zoals oorbellen, manchetknopen en zo voort te printen. TNO was een van de partners in het Open Garment project (gefund door de EU in het 7e Kaderprogramma). De consument wordt de ontwerper, producer en ook verkoper.

Een voorbeeld wat al bestaat is de Shapeways Button Generator waarbij je zelf de knopen voor bijvoorbeeld een kostuum kunt ontwerpen. Check daarover dit filmpje.

De presentatie van Dolf Wittkamper (oud Philips R&D Director en betrokken bij Shapeways) gaat met name over het op te richten Fablab in de regio Eindhoven. De Fablabs komen oorspronkelijk van MIT en je vindt ze nu in toenemende mate in heel Nederland. (o.a. Waag Society in Amsterdam heeft een Fablab). Deze labs hebben een lage drempel en zijn voor iedereen toegankelijk.

De presentatie van Zenja heet Bunnies and flutes. Deze naam komt van een geprinte blokfluit die ook echt kan worden bespeeld, en een 3D geprint konijn. Volgens Zenha moeten er design rules komen voor Additive Manaufuturing (AM). Er wordt ook al onderzoek gedaan door universiteiten naar het verbeteren van de stijfheid van 3D geprinte objecten.

De valkuil van 3D Printing

Gedurende de dag veranderde mijn opinie over 3D printing regelmatig. Als je ziet wat nu al mogelijk is, dan heeft dat zeker de wow-factor. Aan de andere kant komt duidelijk naar voren dat we nog aan het begin staan en er dus nog een lange weg te gaan is.

3D printen is op dit moment niet de revolutie die de wereld gaat veranderen. We gaan niet onze auto’s en fietsen 3D printen. Nog even afgezien dat het maken van een goed ontwerp een kunst is die niet iedereen beheerst. Wat wel een serieuze toepassing is, is de mogelijkheid om gepersonaliseerde objecten te maken en daarmee jouw eigen identiteit te onderstrepen. Maar ook hiervoor geldt, dit is iets wat een klein gedeelte aanspreekt.

Het onderzoek naar de toekomst van voedsel en 3D foodprinting van Cornell en MIT en Philips geeft aan dat er in de toekomst nieuwe mogelijkheden komen om eten te bereiden. Dat de techniek van het printen van voedsel een realiteit is blijkt uit de meer dan 1 miljoen pannenkoeken die (industrieel) worden geprint met de machines van Foodjet.

Al met al is 3D printen een interessant gebied. Als je een echte geek bent dan is een 3D printer een mooi, maar duur sinterklaas cadeau (Ultimaker kost meer dan 1150 euro). Wil je zelf je 3D ontwerpen maken en laten printen, dan is Shapeways een dienst die de moeite waard is. Het is nog wel even wachten op het eerste 3D geprinte voedsel. Maar voor een 2D pannenkoek kan je gewoon naar de supermarkt.

Reageren via Facebook

Over Rob Blaauboer

Rob Blaauboer is principal consultant & innovation thought leader and innovation practice manager bij Logica.
http://nl.linkedin.com/in/robblaauboer