Wetenschap in de ban van geheimzinnige bijenverdwijnziekte /4 reacties

Buitenlands onderzoek naar bijensterfte

Omdat de huidige bijensterfte wereldwijd speelt, is er al op veel plekken onderzoek gedaan naar mogelijke oorzaken. In de VS vond men bij imkerijen met veel sterfte vaak het Israeli Acute Bee Paralysis Virus (IAPV), maar een causaal verband werd niet aangetoond. Een andere correlatie met zowel sterfte als IAPV bleek bijenimport uit Australië. “Veel van die grote Amerikaanse mega-imkerijen weten hun eigen volken niet voldoende op te bouwen en importeren ze dus telkens uit Australië,” vertelt Tjeerd Blacquière van onderzoeksgroep ‘Bijen@wur’. “Maar daar hebben ze nooit echt last van het virus gehad, ook al is het aanwezig.”
Die mega-imkerijen verschepen jaarlijks in februari hun volken per vrachtwagen naar Californië voor de massale bestuiving van amandelbomen, die relatief weinig voedzame eiwitten bevatten. Blacquière: “Dat is een grote aanslag op de conditie van die bijen, zo vroeg in het jaar. Het zou dus wel eens zo kunnen zijn dat ze door hun manier van imkeren gewoon hun volken zodanig uitputten dat ze ook vatbaarder zijn voor parasieten. Zo zie je misschien een valse correlatie met het IAPV en Australië.” In Europa komt het virus in elk geval niet voor, maar de verhoogde sterfte wel.
In Duitsland, waar veel werd gewezen naar bepaalde pesticiden, heeft vier jaar lang een uitgebreid monitoringprogramma gelopen. “Ze hebben daar bij een stuk of honderd imkers gekeken naar effecten van nabijgelegen velden met pesticiden, maar ze hebben geen verband met sterfte kunnen vinden,” aldus Blacquière.

Winterbijen

Die steun zou vooral moeten bestaan uit geld voor meer onderzoek en voorlichting van imkers. Er zijn namelijk in heel Nederland maar drie fulltime academische bijenonderzoekers, alledrie werkzaam bij Wageningen Universiteit en Researchcentrum. “Op het ogenblik richt ons onderzoek zich vooral op varroa-bestrijding,” vertelt Blacquière. “Een middel dat hiervoor nog wel werkt is oxaalzuur. Daar zullen mijten ook niet gauw resistent tegen worden, want het is gewoon een etsende stof. De reden dat de bijen ertegen kunnen is dat ze een kleinere oppervlakte-inhoudverhouding hebben dan de mijten.” Het toedienen ervan is alleen lastiger dan bij de eerder gebruikte middelen, vertelt hij. “We doen nu proeven om te kijken hoe en wanneer je oxaalzuur het best kunt gebruiken. Het lijkt erop dat je vroeg in de zomer moet bestrijden, om te zorgen dat het volk goede winterbijen kan maken. Die moeten meerdere maanden in leven blijven. Als een volk verzwakt raakt door parasieten, kunnen ze in eerste instantie nog prima honing maken, waardoor er niks aan de hand lijkt. Maar de voedsterbijen verzorgen de jonge bijen dan niet meer goed, waardoor je aan het eind van de zomer geen gezonde winterbijen hebt.” Meestal komt de imker er dan in de lente achter dat het volk het niet overleefd heeft, als hij de kast voor het eerst weer open doet. Na zachte winters vindt hij geen dode bijen, omdat ze dan nog wel gevlogen hebben en ofwel onderweg zijn verongelukt of door anderen nog naar buiten konden worden gebracht. “Maar als het daarvoor te koud is, liggen ze allemaal onderin. Dankzij de strenge winter verwacht ik dit voorjaar minder verdwijnziekte, maar evenveel sterfte.”

Verdwaalde bij

De onderzoekers willen dit seizoen gecombineerde infecties beter gaan bestuderen. Verder zou er onderzoek moeten komen naar sub-letale effecten van pesticiden. Blacquière: “Als bijen eraan doodgaan, mogen chemicaliën niet worden gebruikt op planten waar bijen op vliegen. Maar er wordt tot nu toe niet getest op aantasting van het leer- en oriëntatievermogen, terwijl een verdwaalde bij ook sterft.”
Een aantal zondebokken is in elk geval al afgevallen, omdat er geen verband is gevonden tussen hun aanwezigheid en bijensterfte: GMO’s, UMTS-straling en het Israeli Acute Bee Paralysis Virus. “Die laatste werd in Amerika aanvankelijk aangewezen als oorzaak, maar in Nederland komt dat virus helemaal niet voor, terwijl we dezelfde problemen zien als in de VS.”

Vinger aan de pols

Volgens beroepsimkers Calis en Boot kan je veel problemen voorkomen door voortdurend een vinger aan de pols te houden en rigoureus te durven zijn. “Het ene jaar is het andere niet: je moet telkens de beste beslissing nemen als je een volk onder ogen krijgt,” zegt Calis. “Wij verliezen nauwelijks volken, dit jaar een stuk of vijftien van de zeshonderd, dat is niks.” Boot voegt toe: “Hygiënisch werken is heel belangrijk, niet doormodderen op oude ramen, maar ze zelf nieuwe laten bouwen en onbezette raten eruit halen. Er moeten er niet meer in zitten dan ze schoon kunnen houden.” Het weer speelt ook een grote rol, legt Calis uit. “Bij goed weer groeien de bijen harder dan de mijten, maar een regenachtige zomer als afgelopen jaar is niet goed voor ze. Dat speelt allemaal mee.”

Het ene jaar is het andere niet: je moet telkens de beste beslissing nemen als je een bijenvolk onder ogen krijgt

We gaan even kijken hoe het met de bijen gaat. Het is een van de eerste mooie lentedagen: zon, strakblauwe hemel en af en toe een voorbijzoemend bijtje. Dichter bij de kasten neemt het gezoem toe en is het een drukte van belang. “Die wilg, daar halen ze nu massaal stuifmeel.” Calis tilt een raat uit een kast om te laten zien. Honderden bijen krioelen onverstoorbaar over de cellen. Eentje valt er van de raat af, die pakt Calis voorzichtig op en zet hem terug. “Elke bij is er tenslotte één.”

Dit artikel verscheen eerder in de Wageningen Update

Reageren via Facebook

Over Eveline Thoenes

Eveline Thoenes (1978) is bioloog en freelance wetenschapsjournalist. Ze houdt zich vooral bezig met onderwerpen die te maken hebben met biotechnologie en/of planten. Zie ook www.evelinethoenes.nl.