Zeespiegel stijgt minder dan gedacht bij afbrokkelen Zuidpoolijs /2 reacties

Zeespiegel stijgt minder dan gedacht bij afbrokkelen Zuidpoolijs

Het mogelijke in zee storten van een deel van het landijs op de Zuidpool leidt tot veel minder zeespiegelstijging dan altijd werd aangenomen: gemiddeld 3,3 meter in plaats van 5 tot 6 meter. Dat concluderen de Universiteit van Bristol en de TU Delft. Wel zijn er grote regionale verschillen: in onze contreien zitten we rond het gemiddelde van 3,3 meter maar bijvoorbeeld aan de kusten van de VS stijgt de zeespiegel veel meer.

Wetenschappers houden al enige tijd rekening met een mogelijke ineenstorting van een deel van het landijs op de Zuidpool onder invloed van veranderingen in het klimaat. Het betreft daarbij de zogenoemde West Antarctic Ice Sheet (WAIS). Er zijn tekens die wijzen op een versnelling van het ijsverlies vanuit de WAIS. Er is echter geen zekerheid dat deze in zee zal storten. Bovendien is een mogelijke ineenstorting een proces dat eeuwenlang zou duren. Zeker is wel dat een dergelijke ontwikkeling zou leiden tot een flinke zeespiegelstijging.

zeespiegel stijgt minder snel

Satellieten

Meer dan dertig jaar is aangenomen dat de stijging dan 5 tot 6 meter zou bedragen maar onderzoekers van de TU Delft en de Universiteit van Bristol komen nu op basis van nieuwe gegevens tot een veel minder grote gemiddelde zeespiegelstijging: 3,3 meter.

Dit komt onder andere omdat er veel minder ijs aanwezig is in de West Antarctic Ice Sheet dan werd aangenomen. Dit hebben de onderzoekers vooral afgeleid uit nieuwe, preciezere satellietmetingen. Deze satellieten meten met radar en laser onder meer de dikte van de ijslaag of kleine variaties in de zwaartekracht die informatie geven over de hoeveelheid ijs die zich boven het zeespiegelniveau bevindt.

‘Voor Nederland zijn deze uitkomsten goed nieuws´

Regionale verschillen

Op basis van de gemiddelde uitkomst van 3,3 meter zeespiegelstijging, richtten onderzoekers Bert Vermeersen en Riccardo Riva van de TU Delft zich vervolgens op de regionale verschillen die te verwachten zijn. ‘Je kunt zeggen dat de Universiteit van Bristol zich over het ijs gebogen heeft, en wij over het water. Ofwel: zij over de oorzaak van de zeespiegelstijging en wij over het gevolg,’ vertelt Vermeersen. ‘Tot nu toe werd vaak aangenomen dat een mogelijke zeespiegelstijging overal ter wereld even groot zou zijn. Dat is echter onjuist. Dit was overigens al in de 19e eeuw bekend, maar vreemd genoeg was deze kennis wat weggezakt.’