Zeppelin: nieuwe kans voor omstreden duurzaam alternatief /reageer

Zeppelin: nieuwe kans voor omstreden duurzaam alternatief

De zeppelin is meer dan luchtfietserij uit de geschiedenisboeken. Steeds weer zijn er optimistische wetenschappers en ondernemers die het goedkope, duurzame vervoermiddel een kans willen geven.

“Al schiet je er midden boven Parijs met een langeafstandsraket een gat van drie meter in, dan nog zet ik ‘m aan de rand van de stad zonder problemen veilig aan de grond,” zei een wetenschapper ruim tien jaar geleden over de veiligheid van de nieuwste generatie zeppelins.

Bevoorrading in Alaska

De ramp met de zeppelin met de naam Hindenburg in 1937 is echter nog lang niet vergeten. Tot die ramp mochten luchtschepen zich verheugen in een steeds verder groeiende populariteit. Daarna was dat snel afgelopen. Toch blijven de voordelen inspireren tot nieuwe kansen voor dit vervoermiddel. Nieuwste ontwikkeling: de bouw van tientallen luchtschepen voor de bevoorrading van afgelegen gebieden, zoals olie-installaties in Alaska. Veel goedkoper, flexibeler en efficiënter dan wegen en landingsbanen aanleggen. Die zijn namelijk niet nodig.

Ferdinand von Zeppelin

Graaf Ferdinand von Zeppelin ontwierp eind negentiende eeuw de Zeppelin. Hoewel elk type luchtschip ook nu nog een zeppelin wordt genoemd, geldt die naam eigenlijk alleen voor luchtschepen uit zijn fabriek. De eerste vlucht was in 1900 en duurde ruim een kwartier. Passagiers voeren mee in een cabine die onder de ‘sigaar’ hing.

Al voor de eerste wereldoorlog werd de zeppelin succesvol ingezet voor het vervoer van passagiers. Dat leidde ertoe dat er ook vele zeppelins werden gebouwd voor militaire doeleinden, zelfs voor het bombarderen van steden als Londen en Parijs. Ze waren gevuld met het brandbare waterstof, menig luchtschip werd dan ook met enkele schoten uit de lucht geschoten. Ook bleken ze windgevoelig en waren de motoren niet altijd even betrouwbaar.

Daarna vervoerden verbeterde luchtschepen vooral passagiers. Er volgde Amerikaanse belangstelling. Om het eerste bestelde exemplaar na voltooiing bij de opdrachtgever in Amerika te krijgen, werd in 1929 de eerste trans-Atlantische vlucht gehouden. Dit spannende avontuur verliep succesvol. Daarna ging het snel. Er kwamen lijndiensten voor het vervoer van mensen, post en pakketten. Tijdens een reis om de wereld werd ook Nederland aangedaan.

Brandbaar waterstof

De Hindenburg, die trouwens eerst de naam Adolf Hitler zou krijgen, was een Duits luchtschip van 245 meter lang, ruim 40 meter breed en gevuld met 200.000 kubieke meter zeer brandbaar waterstof. Het alternatief, onbrandbaar helium, was alleen verkrijgbaar in Amerika en Canada. Het was verboden dat aan Duitsland te leveren. Tot op heden is de Hindenburg het grootste vliegende object ooit.

De Hindenburg was al vaker probleemloos de oceaan overgestoken, maar deze keer ging het mis. Het vloog in brand. Aan boord waren 97 mensen, 36 overleefden de ramp niet. Beelden van de brand, begeleid door een huilende verslaggever, maakten diepe indruk. De markt voor zeppelins zakte volledig in elkaar. Iedere poging om luchtschepen opnieuw onder de aandacht te brengen werd onmiddellijk geassocieerd met de ramp met de Hindenburg.

Voordelen

Reizen per zeppelin is anders dan reizen per vliegtuig. Het is stil, rustig en comfortabel. Er zijn ruime zitplaatsen met een riant uitzicht. Tijdens het eten is er alle ruimte om het bestek te hanteren. Een overtocht over de Atlantische Oceaan duurt een dag of twee.

Een zeppelin is relatief goedkoop, heeft in principe geen vliegveld nodig, kan veel langer dan een vliegtuig in de lucht blijven en toch moeilijk toegankelijke gebieden bereiken. Hij kan bijzondere transporten aan, zoals het vervoeren van grote onderdelen van elektriciteitscentrales. Containers met een noodhospitaal brengt hij in één vlucht naar rampgebieden.

Misschien werkt de tijdgeest in het voordeel van de zeppelin. De noodzaak van meer aandacht voor duurzaamheid is groeiend. Een luchtschip past daar in: veel milieuvriendelijker dan een vliegtuig en van deur tot deur op korte afstandsvluchten in Europa nog eens sneller ook.

Nieuwe ontwikkelingen

In 1994 ontwierp Arjan van Timmeren (Technische Universiteit Delft en gespecialiseerd in luchtschepen) een plan voor zeppelins van 180 tot 300 meter lang die 150 tot 600 passagiers mee kunnen nemen. Kernwoorden: duurzaamheid en comfort. Met aanlandmasten van 60 meter waarbij een zeppelin vanuit elke windrichting aanlanden, net als een schip ‘met de kop in de wind’. Passagiers konden boven in de masten in een geklimatiseerde schotel in- en uitstappen.

Een zeppelin kan 200 km per uur bereiken. Sneller kan ook, tot wel 400 km per uur, maar dan wordt het energieverbruik veel ongunstiger. Een zeppelin is in de lucht altijd in balans, waardoor er weinig kracht nodig is om hem te verplaatsen. Is het windstil weer en geef je hem bij wijze van spreken een zetje, dan gaat hij al vooruit. Propellers die buiten de ‘sigaar’ hangen en vaak kantelbaar zijn, regelen de snelheid. Er zijn ook modellen met straalmotoren. Uiteraard is ook de vliegrichting te bepalen.

Europese korte afstandsvluchten per zeppelin hebben toekomst, was Van Timmerens conclusie. Binnen tien jaar is de zeppelin terug van weggeweest, verwachtte hij in 1994. Dat is niet gelukt. Het blijkt niet eenvoudig om rond de zeppelin een solide onderneming op te bouwen.

Ecotoerisme

Bijna tien jaar geleden was er een ecotoeristisch plan voor rondvluchten voor twaalf passagiers per vlucht met een gehuurd luchtschip boven de Wadden. De prijs: € 270 per persoon. Er werd een stichting opgericht en Provinciale Staten van Friesland verleenden 155.000 euro subsidie. Uiteindelijk kwam het initiatief niet van de grond.

In het begin van deze eeuw had een bedrijf in Lelystad serieuze plannen om zeppelins te gaan bouwen. Het bedrijf heeft het niet gered.

Ook interessant:

Vliegen op frituurvet, groen en bijna winstgevend
Robotvliegtuigjes sporen duinbranden op

Reageren via Facebook

Reacties

Over Leidy Jelsema

Leidy Jelsema is vakdocent Nederlands en didactiek, tekstschrijver, educatief auteur, redacteur en examinator. Zij studeerde pedagogiek en volgde de opleiding Journalistiek voor Academici. Specialisatie: taalbeheersing. Zij heeft interesse in communicatie, psychologie, sociologie, innovatieve duurzaamheid, dieren en natuur.